Veilig in de dorpen

Iedereen heeft recht op een veilige buurt. Je veilig voelen is een basisbehoefte. En hoewel een risicovrije samenleving niet bestaat kan de gemeente wel veel doen om te zorgen voor veiligheid én een veilig gevoel. Veiligheid begint bij de aanpak van criminaliteit en asociaal gedrag.

Veiligheid kun je op verschillende manieren ervaren: veilig wonen, in een veilige omgeving. Uiteraard bestrijden we overlast, intimidatie en criminaliteit. Daarvoor is het belangrijk dat mensen elkaar op straat aanspreken op gedrag en dat ouders hun kinderen aanspreken. Wij werken samen met woningbouwcorporaties, welzijns- en (jeugd)zorginstellingen, brandweer, politie, onderwijs, burgers en bedrijven. In deze samenwerking is de wijkagent de sleutelfiguur en neemt de gemeente de rol als regisseur. Onderlinge concurrentie tussen deze organisaties mag niet voorkomen. Alle betrokkenen, inclusief Openbaar Ministerie en het Veiligheidshuis, moeten over de grenzen kijken en creatief en onorthodox bijdragen aan een doeltreffend lokaal veiligheidsbeleid. Dit heeft alleen kans van slagen als ook bewoners hierbij betrokken zijn. De gemeente faciliteert deze betrokkenheid. Gaat het om veiligheid dan wil de PvdA voorkomen waar dat kan, maar hard ingrijpen waar het moet.

Een andere vorm van veiligheid ervaren we in het verkeer. In Langedijk moeten voor de kwetsbare verkeersdeelnemers, vooral voetgangers en fietsers, veilig over straat kunnen gaan. We weten dat handhaving van verkeersovertredingen in de woonomgeving een lage prioriteit heeft; het is daarom belangrijk door de inrichting van de buurt ervoor te zorgen dat die veilige omgeving wordt afgedwongen.

Dit betekent voor de komende raadsperiode:

  • De PvdA vindt dat veiligheidsbeleid gaat over afstemming, samenwerking en een goede balans tussen voorkomen (preventie) waar het kan en handhaven (repressie) waar dat moet.
  • Wij staan voor een gezamenlijke aanpak van woningbouwcorporatie(s), brandweer, gemeente, politie en anderen om aantasting van het woongenot door woonoverlast, illegale bewoning en ongecontroleerde woningsplitsing te voorkomen.
  • Wij betrekken wijkbewoners bij het veiligheidsbeleid. Niet alleen bij het maken van beleid maar juist ook bij de uitvoering ervan. Jaarlijks vragen we wijkbewoners welke problemen zij in hun wijk ervaren, hoe die moeten worden aangepakt en wat zij zelf hieraan kunnen doen. Elke wijk wordt gevolgd met een wijkveiligheidsmonitor.
  • We pakken overlast, intimidatie en criminaliteit van jongeren aan langs drie wegen: via de thuiscultuur (aanspreken van ouders), via de straatcultuur (aansprakelijk stellen van ouders voor schade veroorzaakt door kinderen) en via de schoolcultuur (voorkomen van schooluitval).
  • Tegen veelplegers vinden wij een actieve, maar vooral gezamenlijke aanpak van gemeente, politie en openbaar ministerie belangrijk.
  • Uitgaansgeweld tolereren we niet. Horeca en politie, in die volgorde, treden hiertegen gezamenlijk op.
  • Wij stimuleren deskundigheid van professionals op het gebied van veiligheid en de aanpak/signalering van (in voorkomende gevallen) huiselijk geweld, kindermishandeling, het (h)erkennen van eergerelateerd geweld, de aanpak van geweld tegen homo’s en de loverboy-problematiek.
  • In het verkeer ligt de hoogste prioriteit bij een veilige omgeving voor voetgangers en fietsers. Het autoverkeer willen we zoveel mogelijk via beide randwegen laten gaan (Westelijke en Oostelijke Randweg); de N504 geldt als belangrijkste oost-westverbinding.
  • Voor een veilige omgeving kan het noodzakelijk zijn verkeersdrempels te plaatsen. Dat kan alleen wanneer vast staat dat het middel niet erger is dan de kwaal, met andere woorden: een drempel mag er niet toe leiden dat het wooncomfort voor aanwonenden verslechterd (bijvoorbeeld door trillingen).