Door Marcel Reijven op 20 juni 2013

Kadernota 2013: terughoudende reactie PvdA

Dinsdag 18 en woensdag 19 juni bespraken forum en raad de Kadernota 2013 – 2017, hét document dat richting moet geven aan het herstel van de financiële positie van de gemeente Langedijk.

Het belang van deze Kadernota lezen we in een brief die pas in het forum van 3 september formeel aan de orde komt: de provincie, als toezichthouder, heeft de kwalificatie van de financiële positie van Langedijk bijgesteld van voldoende naar matig. De aanpassing is voornamelijk het gevolg van de geringe weerstandscapaciteit, maar ook het feit dat de begroting 2013 niet in evenwicht is, is van belang. De provincie geeft aan dat het van groot belang is, dat de raad besluiten neemt om tegenwicht te bieden aan de neerwaartse financiële spiraal.

Hoe luidde de boodschap van het college in de aanloop naar de behandeling door de raad? Wel, dat lezen we op de site van de gemeente: “Langedijk moet krachtige maatregelen nemen om tot een sluitend meerjarenperspectief te komen. Dat betekent dat de gemeente lastige keuzes moet maken. De gemeente Langedijk wordt – evenals andere gemeenten in Nederland – gekort door het Rijk, terwijl de gemeente wel extra taken toebedeeld krijgt. Daarnaast voelt onze gemeente nog steeds de nadelige effecten van de voortdurende economische crisis in Nederland. Het college stelt daarom krachtige maatregelen voor om de financiële positie sluitend te krijgen. Om het begrotingstekort te dichten stelt het college onder andere voor om op de gemeentelijke organisatie te bezuinigen door maximaal gebruik te maken van het natuurlijk verloop onder het personeel. Verder stelt het college voor het subsidie- en accommodatiebeleid aan te passen en de OZB te verhogen (alleen met inflatiecorrectie van 2,75%).”

Voor mij is het kernbegrip in de boodschap van het college ‘lastige keuzes’. Bij het maken van keuzes heb ik altijd het beeld gehad dat er sprake is van alternatieven en dat van die alternatieven de gevolgen – in ieder geval voor een belangrijk deel – bij de oordeelsvorming bekend zijn. Daar zit in deze Kadernota nu net de crux: de keuze bestaat uit het al dan niet volgen van het collegevoorstel, de consequenties van welke keuze dan ook zijn nog lang niet inzichtelijk.

Als je dan leest en hoort dat het college op zowel personeel als accommodatie- en subsidiebeleid 1,2 miljoen euro wil bezuinigen, dan komen er direct vragen op. Wat betekent het voor de gemeentelijke dienstverlening, wanneer de bezuiniging op het personeel is gerealiseerd? Is een bezuiniging op subsidie- en accommodatiebeleid van 1,2 miljoen euro realiseerbaar, wanneer we weten dat van de 7,1 miljoen euro die voor 2014 in het overzicht staat, 4,1 miljoen euro alleen al gaat naar gemeenschappelijke regelingen dan wel bedoeld is voor accommodaties (sport en De Binding)? We hebben het hier wel over 58% van het totale budget.

De fracties van CDA en VVD noemden iets dergelijks in een amendement, waarin zij voorstellen de bezuiniging op subsidies voor de helft terug te draaien. Ik begrijp die vrees, ben zelf ook huiverig voor de mogelijke besparing. Sterker nog: op basis van wat ik nu weet, heb ik serieuze vraagtekens bij het realiteitsgehalte van de ingerekende besparingen. Toch wil ik met de fractie het college de mogelijkheid bieden de verwachting waar te maken: toon met het nieuwe beleid maar aan dat een adequaat accommodatie- en subsidiebeleid, waarbij ik bewust deze volgorde aanhoud(!), inderdaad tot dergelijke besparingen kan leiden.

Waar de fractie van de PvdA in dit kader in ieder geval van af wil, is het schuiven met gelden: we willen dus géén subsidies (meer) opdat organisaties hun huisvestingslasten kunnen betalen. Ik noem hier twee argumenten voor. Ten eerste heeft de gemeente een accommoderende en faciliterende rol, een verantwoordelijkheid maatschappelijke organisaties te accommoderen. En dat mag wat mij betreft tegen concurrerende, aantrekkelijke tarieven. Ten tweede: de zekerheid voor die organisaties, want subsidies zijn altijd tijdelijk. Weliswaar gaan we er in Langedijk in het algemeen niet zo mee om, maar toch: met één besluit kan de Raad aan alle subsidies een eind maken. In het verlengde hiervan heb ik in de raadsvergadering het college opgeroepen er zorg voor te dragen dat De Binding nu eindelijk een echt sociaal-cultureel-educatief centrum van Langedijk wordt, en bij voorkeur zo dat er een wachtlijst voor ruimtes ontstaat!

Het amendement van CDA en VVD met betrekking tot de takendiscussie volgde de fractie niet. Ik begrijp de onvrede bij vooral de fractie van het CDA over het proces tot nu toe, (ik moest inbreken in een vele malen eerder gevoerde woordenstrijd tussen collega’s Willemien Koning en Dirk Boonstra over wat we nu eigenlijk verstaan onder een takendiscussie) maar feitelijke keuzes moeten we vanaf nu maken, bij de vaststelling van het nieuwe accommodatie- en subsidiebeleid: in hoeverre wil de raad nog invulling geven aan jeugd- en jongerenwerk, ouderenwerk, peuterspeelzaalwerk, bibliotheekwerk, sport en/of cultuur? Het feit dat de fracties van CDA en VVD indieners géén keuzes maken, maar het proces eigenlijk opnieuw willen starten, betekent dat er géén verbetering van de financiële positie ontstaat. Misschien zijn de door het college voorgestelde bezuinigingen zacht, naar mijn mening zetten de gedachten van VVD en CDA de gemeente Langedijk op drijfzand, zonder perspectief op een harde bodem.

GroenLinks diende een amendement in om geld te reserveren voor uitbreiding van de gratis Langedijker Pas. Door een recente wijziging vanuit Den Haag kan de pas worden verstrekt aan inwoners met een inkomen tot maximaal 130% van het bijstandsniveau. Uiteraard heeft een dergelijk voorstel de onverdeelde sympathie van de PvdA. Vraag blijft: kunnen we instemmen met een dergelijk voorstel in de huidige financiële context? GroenLinks-wethouder Irma Schrijver vond het geen probleem om 33.000 euro extra te bezuinigen op subsidie- en accommodatiebeleid (ach ja, het is nog geen drie procent van de oorspronkelijke gedachte, hoe makkelijk gaan sommige dingen toch?), reden dat we wel moesten instemmen met het voorstel.

Interessant vond ik de motie van CDA/VVD over bezinning op gemeentelijke taken, vooral door de reactie van het college daarop: “De reeds verstrekte informatie en de uitkomsten van het subsidie- en accommodatiebeleid en van SLIM@LANGEDIJK worden voldoende geacht om de noodzakelijke keuzes te maken.” Wie bepaalt er nu eigenlijk mijn informatiebehoefte, dat doe ik toch zeker zelf? In dat kader vond ik de reactie naar de enigszins vergelijkbare motie van de ChristenUnie toch wel bijzonder: die motie wilde het college overnemen. Uiteindelijk dienden CDA/VVD hun motie niet in, waarna die van de CU met een ruime meerderheid werd aangenomen.

Aan de motie over het opheffen van de reserve V607, investeringen met economisch nut, heb ik in het voortraject menig uur besteed. Twee overwegingen springen er voor mij uit: hoe betaal je je vaste lasten, en hoe zorg je ervoor dat je financiële positie verbetert. In het opheffen van deze reserve, ten gunste van het weerstandsvermogen van de gemeente én de bouwgrondexploitaties, biedt echt kansen om de financiële positie van de gemeente structureel te verbeteren, hoewel dit wel betekent dat een extra bezuiniging of ombuiging noodzakelijk is. Met de motie, gesteund door de hele raad, hebben we het college nieuw huiswerk gegeven.

Wat voor kadernota heeft de raad nu eigenlijk vastgesteld? Voor mij is deze kadernota een richtinggevend document, richtinggevend in de zin dat herstel van de financiële positie een positieve ontwikkeling te zien geeft, maar ook richtinggevend m.b.t. de aangegeven bezuinigingen en dan vooral die op accommodatie- en subsidiebeleid: in het raadsvoorstel geeft het college aan dat de verwachting bestaat dat het nieuwe beleid met ingang van 2015 jaarlijks 1,2 miljoen euro kan opleveren. Laten we dat dan als uitgangspunt hanteren: het is een verwachting, het is geen vaststaande opdracht; het uiteindelijke beleid bepaalt het realiteitsgehalte van deze verwachting. Nadrukkelijk heb ik tegen het college gezegd: “Mochten we in de uitwerking van het beleid op de een of andere manier merken, dat geopperd wordt of zelfs maar gezinspeeld dat de raad de opdracht heeft gegeven dit bedrag te bezuinigen, dan zullen we niet schromen bij de vaststelling van de begroting 2014 voor te stellen dit uitgangspunt terug te draaien!” Immers: niemand zit te wachten op een zeperd zoals vorig jaar bij de sportsubsidies.

Marcel Reijven

Marcel Reijven

Wat is je achtergrond? Ik ben op 25 mei 1962 in Wormerveer geboren en opgegroeid in het uiterste puntje van West-Friesland, Enkhuizen. Na de middelbare school heb ik aan de Militaire Academie in Breda civiele techniek gestudeerd, waarna ik tien jaar als officier bij de Landmacht heb gewerkt. In 1995 ben ik overgestapt naar de

Meer over Marcel Reijven